De EU stimuleert kleine elektrische auto’s met “Super Credits” om de adoptie te stimuleren

18
De EU stimuleert kleine elektrische auto’s met “Super Credits” om de adoptie te stimuleren

De Europese Unie creëert een nieuwe voertuigcategorie – de “M1E” – specifiek voor kleine, in de EU gemaakte elektrische auto’s, vergezeld van prikkels die bedoeld zijn om de adoptie van elektrische auto’s te versnellen. Deze stap komt op het moment dat de EU haar aanpak voor het uitfaseren van verbrandingsmotoren herziet, waardoor deze onder bepaalde voorwaarden na 2035 op de markt kunnen blijven. Het nieuwe raamwerk is geen terugtrekking uit de elektrificatie; het is een strategische aanpassing om elektrische voertuigen toegankelijker te maken en een soepelere overgang te garanderen.

De M1E-categorie: wat u moet weten

Om in aanmerking te komen als een ‘M1E’-voertuig, moet een auto volledig elektrisch zijn en niet langer dan 4,2 meter (165,3 inch) lang zijn, en – cruciaal – geassembleerd in een van de 27 lidstaten van de EU. Dit is kleiner dan de Japanse “kei” -auto’s, maar nog steeds een praktisch formaat voor rijden in de stad.

Het belangrijkste voordeel? “Super credits.” Elk M1E-gecertificeerd voertuig telt als 1,3 mee voor de CO2-nalevingsdoelstellingen van een fabrikant, wat hen een voordeel van 30% oplevert. Deze regels worden voor tien jaar bevroren, waardoor autofabrikanten de stabiliteit krijgen om te investeren in de ontwikkeling van deze kleinere elektrische voertuigen.

“Dit biedt autofabrikanten een sterke stimulans om grotere volumes kleine elektrische voertuigen te produceren en op de markt te brengen, met een verwacht indirect positief effect ook op de betaalbaarheid van deze voertuigen.”

Waarom dit ertoe doet: een pragmatische benadering van elektrificatie

Het besluit van de EU gaat niet alleen over emissiedoelstellingen; het gaat over praktische realiteiten. Kleinere, betaalbare elektrische voertuigen zullen eerder door de massamarkt worden geadopteerd dan dure, extra grote elektrische voertuigen. Door de productie ervan te stimuleren wil de EU elektrische voertuigen toegankelijk maken voor een bredere groep consumenten.

Het eisen van een EU-vergadering beschermt ook lokale banen en vermindert de afhankelijkheid van buitenlandse fabrikanten. Dit is een berekende zet om de toekomst van de Europese auto-industrie veilig te stellen in een snel veranderende markt.

Welke auto’s komen in aanmerking?

Verschillende bestaande en toekomstige modellen voldoen al aan de M1E-criteria:

  • Renault: Twingo, 4 en 5
  • Volkswagen Groep: ID. Polo, Skoda Epiq en Cupra Raval
  • Stellantis: Citroën e-C3, Opel Corsa Electric, Fiat 500e en Peugeot E-208
  • Kia: EV2 (gebouwd in Slowakije)

Modellen die buiten de EU zijn geassembleerd, zoals de Hyundai Inster of Mini Cooper, komen niet in aanmerking. Dit onderstreept de doelbewuste focus van de EU op lokale productie.

Lossere naleving: emissiekredieten voor bankieren en lenen

Naast de M1E-categorie versoepelt de EU de naleving verder door autofabrikanten toe te staan emissiekredieten over perioden van drie jaar te ‘bankieren en lenen’. Deze flexibiliteit vermijdt strikte jaarlijkse doelstellingen, waardoor fabrikanten meer ademruimte krijgen om tegen 2035 aan de algemene doelstelling van 90% CO2-reductie te voldoen. De resterende 10% kan worden gecompenseerd met behulp van e-brandstoffen, biobrandstoffen en koolstofarm staal.

EV-adoptietrends

Uit gegevens van de European Automobile Manufacturers’ Association (ACEA) blijkt dat EV’s gedurende de eerste tien maanden van het jaar verantwoordelijk waren voor 16,4% van de verkoop van nieuwe auto’s in de EU, oplopend tot 18,3% als de buurlanden meegerekend worden. Deze cijfers suggereren dat de elektrificatie aan kracht wint, maar er zijn verdere prikkels nodig om de vooruitgang te versnellen.

De stap van de EU om kleine, betaalbare elektrische voertuigen te stimuleren is een berekende stap in de richting van een meer realistische en duurzame transitie. Door financiële prikkels te combineren met flexibele regelgeving hoopt de EU de adoptie van elektrische auto’s te stimuleren zonder de auto-industrie over te laten aan onrealistische doelstellingen.